logo

Energie

Voor onze energievoorziening maken we nog veel gebruik van fossiele brandstoffen. Dit leidt tot uitstoot van schadelijke stoffen en door de uitstoot van broeikasgassen aan klimaatverandering, en daarmee tot diverse gezondheidsproblemen. Een ander probleem is dat deze energiebron eindig is. Er vindt momenteel een energietransitie plaats, van fossiele brandstoffen naar biobrandstoffen, warmtekrachtkoppeling, en wind- en zonne-energie. Daarnaast is het gebruik van elektrische auto’s en fietsen toegenomen. Het RIVM bekijkt wat het effect is van deze ontwikkelingen op milieukwaliteit en gezondheid. Rond thema’s als windenergie organiseert het RIVM dialogen tussen verschillende partijen en stelt het onafhankelijke kennis beschikbaar.

Zonnecellen op gevel

De energietransitie heeft invloed op de inrichting van de omgeving, bijvoorbeeld waar het gaat over het gebruik van wind- of zonne-energie. Windturbines leiden soms overlast bij omwonenden, vooral door het geluid dat het met zich meebrengt. En soms tot gezondheidsklachten door negatieve gevoelens. Dit blijkt uit een literatuuronderzoek van RIVM. De resultaten daarvan kunt u vinden in een informatieblad voor GGD'en, bedoeld als hulp bij de beantwoording van vragen van o.a. burgers en gemeentebesturen.

Het is van belang dat er een goede dialoog plaatsvindt tussen verschillende partijen, en onafhankelijke kennis beschikbaar wordt gesteld. Dit gebeurt bijvoorbeeld in het Kennisplatform Windenergie, waarvoor RIVM in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu een pilot heeft opgezet en begeleid. Dit Kennisplatform is een initiatief van bij windenergie betrokken organisaties.

Naast het gebruiken andere energievormen draagt het terugdringen van ons energiegebruik bij aan oplossingen voor de energievraagstukken. Denk bijvoorbeeld aan het gebruik van energiezuinige apparaten. Of aan het gebruik van restwarmte en Warmte- en Koude Opslag (WKO). Bij WKO moet men alert zijn wat de invloed is van op het grondwater en bacteriewerking in de ondergrond, zo blijkt uit RIVM onderzoek.

Een andere manier om ons energiegebruik terug te dringen is door vaker gebruik te maken van de fiets voor korte afstanden. Dat is bovendien ook gunstig voor de milieukwaliteit en gezondheid, omdat het tot minder luchtvervuiling en minder geluidoverlast leidt. En het brengt mensen letterlijk in beweging. Uit een berekening van RIVM blijkt dat de ziektelast door lichamelijke inactiviteit na 1 jaar met maximaal 1,3% wordt teruggedrongen als volwassenen meer fietsen. Daarnaast draagt het bij aan het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen. De manier waarop de stad is ingericht kan mensen verleiden om vaker de fiets te pakken (zie ook ‘2: Structuur en inrichting’).

Ook energiezuinige woningen dragen bij aan de verlaging van ons energiegebruik. Maar tegelijk kan het ook leiden tot problemen met het binnenmilieu, wanneer niet goed geventileerd wordt. RIVM vergeleek hoe bewoners van eengezinswoningen met twee soorten mechanische ventilatiesystemen hun gezondheid ervaren, evenals de kwaliteit van het binnenmilieu. Bewoners van huizen met balansventilatiesystemen vonden de kwaliteit van het binnenmilieu minder goed dan bewoners van huizen met natuurlijke toevoer en mechanische afzuiging van lucht. Ook waren mensen met een balansventilatiesysteem minder positief over luchtkwaliteit en klaagden ze over droge lucht. Daarnaast ondervonden ze geluidhinder door het ventilatiesysteem, en waren ze niet tevreden over de mate waarin ze zelf het ventilatiesysteem kunnen regelen.

Een ander onderwerp van RIVM onderzoek is de toxiciteit van biobrandstoffen, zoals biodiesel en petroleum. Deze dieselmengsels kunnen worden toegepast om de Nederlandse doelstelling voor duurzame energiebronnen te halen. De gevolgen voor de gezondheid door veranderingen in de samenstelling van de motoruitstoot is onzeker. Om het potentiële effect op de menselijke gezondheid te onderzoeken, is in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu onderzocht wat de veranderingen van de toxiciteit van de uitstoot zal zijn. De beoordeling is gebaseerd op literatuurstudies van zowel metingen als toxicologische studies.

SPR .... klaar voor de vragen van morgen
Menu